Haïti, 2 jaar later. Toekomst in opbouw

10 januari 2012

Op 12 januari 2010 werd Haïti getroffen door een krachtige aardbeving die Port-au-Prince en omstreken letterlijk tot een puinhoop omvormde. Meer dan 240.000 mensen kwamen om, 300.000 raakten gewond en 3 miljoen mannen, vrouwen en kinderen bleven achter met een tekort aan basisvoorzieningen. De totale schade werd geraamd op meer dan 8 miljard dollar.

De hulp kwam snel op gang, maar in bijzonder moeilijke omstandigheden. Wereldwijd werden solidariteitsacties opgezet. In ons land lanceerde het Belgisch Consortium voor Noodhulpsituaties (Caritas International, Handicap International, Dokters van de Wereld, Oxfam solidariteit en UNICEF België) de oproep «Haïti Lavi 12-12».

Die oproep kon op heel wat steun rekenen van het Belgische publiek, overheden, media en bedrijven en vertaalde zich in concrete, levensreddende hulp op het terrein.

Ondertussen zijn we 2 jaar verder. De balans is gematigd. Het is duidelijk dat het land nog steeds in een fragiele staat verkeert, geplaagd door chronische armoede en onderontwikkeling. De vooruitgang is traag. Kleine overwinningen worden ondergraven door belangrijke tekortkomingen en achterstand. Hoewel 2012 van start gaat met een nieuwe regering en een aangepast overheidsbudget blijft de bevolking kampen met de gevolgen van de vele uitdagingen waar het land voor staat en blijven de littekens van de ramp nog duidelijk zichtbaar op de infrastructuur, de instellingen en het sociale systeem. Meer dan 500.000 mensen verblijven nog in 800 opvangkampen. Ongeveer 70% van deze mensen waren huurders voor de aardbeving wat wil zeggen dat de meesten onder hen geen plaats hebben om naar terug te keren. De cholera-epidemie blijft de broze infrastructuur en diensten verder ondermijnen. Het is duidelijk dat het land nog de nodige steun nodig hebben om het hoofd te kunnen bieden aan de vele uitdagingen. De aanwezigheid van humanitaire organisaties blijft dan ook noodzakelijk.

 

Een overzicht van twee jaar hulpverlening door elk van de vijf humanitaire organisaties van het Belgische Consortium voor Noodhulpsituaties:

Caritas

Onmiddellijk na de ramp zorgde Caritas International voor de aanvoer van water en waterzuivering, de installatie van sanitaire voorzieningen en het leveren van geneesmiddelen en medisch materiaal, alsook van tenten, zeil, jerrycans en dekens. Caritas International startte na deze eerste noodhulpfase met verschillende heropbouw- en rehabilitatieprojecten steunend op drie pijlers: huisvesting, onderwijs en voedselzekerheid. Een aantal lopende projecten betreft de heropbouw van huizen, de oprichting van een vormingscentrum voor beroepen in de bouw, de heropbouw van een weeshuis en de verbetering van de voedselzekerheid via steun aan de landbouw en de veeteelt.

Handicap International

De activiteiten van Handicap International spitsten zich onder meer toe op de inclusie van personen met een handicap door nationale en internationale actoren te sensibiliseren, gebouwen toegankelijk te maken en inkomsten genererende activiteiten te ontwikkelen voor deze kwetsbare groep. Er werden basisgezondheids- en revalidatiesessies gehouden, psychosociale hulp aangeboden en mobiliteitshulpmiddelen verspreid. 1.459 personen die een ledemaat verloren kregen een prothese. Op vlak van logistieke steun en wederopbouw werden meer dan 1000 tijdelijke woningen gebouwd, toegankelijk voor personen met een handicap én bestand tegen zowel aardbevingen en cyclonen.

Dokters van de Wereld

Dokters van de Wereld heeft sinds de aardbeving meer dan 800.000 medische ingrepen en raadplegingen uitgevoerd. Zo kregen de gewonde slachtoffers van de aardbeving de nodige zorgen en werden cholerapatiënten behandeld. Daarnaast werd het probleem van kwaliteitszorg voor de meest kwetsbaren aangekaart. Vandaag richten de activiteiten van Dokters van de Wereld zich vooral op kinderen jonger dan vijf jaar en zwangere vrouwen. Ondersteuning van de eerstelijnszorgen, seksuele en reproductieve gezondheid, preventie van geweld tegen vrouwen, psychosociale steun, vaccinaties van kinderen en zwangere vrouwen, zijn een greep uit hun activiteiten.

Oxfam-Solidariteit

Oxfam spitste zich de voorbije twee jaar toe op verschillende aspecten van de hulpverlening en bood hulp aan meer dan 500.000 mensen. In de kampen van Port-au-Prince werden sanitaire en hygiënische voorzieningen aangelegd en aan de hand van grootschalige campagnes werd hygiëne en publieke gezondheid bevorderd. In de landbouwsector werden boeren en kleine producenten ondersteund opdat ze een duurzame opbrengst uit hun land kunnen halen. Oxfam heeft ook meer dan 94.000 mensen van een tijdelijk onderkomen voorzien. Ook op het gebied van risicovermindering was Oxfam erg actief. Er werden programma’s uitgewerkt voor het onderhoud van drainagekanalen, mensen werden opgeleid tot preventiemedewerkers en samen met de gemeentebesturen werden noodplannen opgesteld. Oxfam was bovendien sterk betrokken bij het lobbyen voor de bescherming van de rechten van de ontheemden en heeft maatregelen genomen om de meest kwetsbaren te beschermen tegen geweld.

Unicef

Door de aardbeving verloren veel kinderen hun ouders en kwamen in kampen, instellingen of op straat terecht. Voor UNICEF was en blijft de bescherming van deze kwetsbare kinderen een absolute prioriteit. Kinderen kregen psychosociale hulp en opvangtehuizen werden gescreend en ondersteund. Bovendien werd dankzij doelgerichte acties illegale adoptie en exploitatie aan banden gelegd. UNICEF ontwikkelde ook programma’s voor onderwijs, gezondheidszorg, voeding, water en hygiëne. Zo kregen de gemeenschappen structurele hulp om de cholera-epidemie de kop in te drukken en werd de bevolking gesensibiliseerd over het belang van hygiëne. Om gezonde leefomstandigheden te verzekeren werden geneesmiddelen toegediend en grootschalige vaccinatiecampagnes opgestart. Hiv-patiënten kregen aidsremmers en kwetsbare jongeren werden gesensibiliseerd over de aidsproblematiek. Jonge moeders met baby’s kregen voedingsadvies en kinderen werden gescreend op ondervoeding. Om kinderen terug naar school te helpen werden semipermanente scholen gebouwd en werd het ‘Go-to-School’-initiatief van de overheid ondersteund.

 

Financieel bilan

 

Het ‘Gecoördineerd financieel verslag’ van de actie Haïti Lavi 12-12 over het jaar 2010 en het ‘onderzoeksrapport’ van PVMD Bedrijfsrevisoren worden kortelings gepubliceerd, als de laatste controles achter de rug zullen zijn. De voornaamste ‘officiële’ financiële gegevens zijn wel al bekend.

Het Consortium 12-12 en de vijf leden samen hebben in totaal 25.886.356 € ingezameld voor de hulpverlening aan Haïti, dit is op twee na het hoogste resultaat sinds 1985. De campagnekosten bleven opnieuw zeer beperkt, onder meer dankzij veel kosteloze ondersteuning (pers, bedrijven,…). Gemiddeld wordt meer dan 90% van het netto beschikbaar inkomen besteed voor hulpverlening op het terrein. Eind 2010 was 62% van de middelen uitgegeven. De overblijvende 7,5 miljoen euro zal eind 2012 wellicht volledig zijn gebruikt.

 

Bekijk hier het rapport over de twee jaar hulpverlening door elk van de vijf humanitaire organisaties van het Belgische Consortium voor Noodhulpsituaties.